
IK WAS IN TRANEN
Ik bad.
En volgens mij heb ik erbij gestampvoet.
Thuis dan:-)
Er was een groot overleg geweest.
Een clubje professionals en ik, de moeder.
Het hoge woord was eruit:
'ik denk aan hoogbegaafdheid'.
De orthopedagoog schikte haar papieren,
en zei droog:
'nee hoor,
want hij heeft ADHD.
Dat staat hier.'
En ze richtte haar blik op de stapel documenten.
Dat weet ik nog heel goed, dat van die blikrichting.
De jongen zélf had ze nog nooit gezien.
Toen kon ik weer gaan.
Het onderwijspersoneel zou verder werken
aan het rampenplan.
Thuis was ik in tranen.
Míjn kind.
Jarenlang had ik hem geobserveerd,
gelezen,
vragen horen stellen.
En op een dag
'per toeval'
had ik iets voorbij horen komen.
Over hoogbegaafdheid.
Zou het IQ in dat bolletje dan misschien aan de hoge kant zijn?
Verklaart dat zijn sensitiviteit
en zijn drang om te bewegen?
En terwijl de jongen verkruimelde op school,
zichzelf opsloot op de wc om maar niet in de klas te hoeven zijn,
wist ik één ding zeker:
hij heeft NU een beetje rust nodig.
Gewoon een PAUZE,
halverwege de week.
Op woensdag bijvoorbeeld.
Maar daar waren de mensen die er iets over te zeggen hadden het niet mee eens.
En ik durfde niet door te pakken.
Inmiddels zijn we zo'n tien jaar verder.
Zoon is bijna twee meter lang.
En ik ben ook gegroeid.
Ik gaf les aan hoogbegaafde kinderen.
Daarna ben in het gat gesprongen dat ik destijds zelf tegenkwam.
Ik zorg ervoor dat er op die ene dag per week
even op de pauzeknop gedrukt kan worden,
zolang dit nodig is.
Ik faciliteer nieuwe energie en creativiteit.
De wil om te leren.
Die enorme drive om dagbegeleiding te bieden aan hoogbegaafde (bijna) thuiszitters komt dus ergens vandaan.
Namelijk uit mijn hart en leven.
Ik heb aan beide kanten van de lijn gestaan,
ik versta de taal van een ouder
én die van de onderwijsprofesional.
Als ik het opnieuw kon doen,
zou ik mijn kind één dag per week ziek melden.
Dat was op dat moment de goede keus geweest.
Dan mochten de professionals zeggen:
dat kan niet.
En ze zouden met hun papieren schuiven.
Er nog eens op kijken,
of op hun kop gaan staan.
Allemaal prima.
Maar ik ben wel zijn moeder.
En ik had (met terugwerkende kracht) toevallig wel gelijk.
Reactie plaatsen
Reacties